DER-GROEP

 

Bijna dezelfde uitgangen als de bepaalde lidwoorden hebben:

Dies- Deze/dit
 Jen- Die/dat
Jed- Ieder/elk
Manch- Menig-/sommige
All- Alle
Einig- Enkele/enige
Mehrer- Verscheidene
Viel- Vele/veel
Solch- Zulk-/zo’n
Welch- Welk-
Verschieden- Verschillende
Wenig- weinig

Voorbeeld: der

Den Mann kenne ich nicht. Onderwerp = ich = 1e naamval

Lijdend voorwerp = den Mann = 4e naamval

 

Voorbeeld:  dies-

Diesen Mann kenne ich nicht. Onderwerp = ich = 1e naamval

Lijdend voorwerp  = Diesen Mann = 4e naamval

Dus dan wordt het:

mannelijk vrouwelijk onzijdig meervoud
1e nv dieser Mann diese Frau (niet diesie) dieses Kind (niet diesas) diese Kinder (niet diesie)
2e nv dieses Mannes dieser  Frau dieses Kindes dieser Kinder
3e nv diesem Mann dieser Frau diesem Kind diesen kindern
4e nv diesen Mann diese Frau (niet diesie) dieses kind (niet diesas) diese Kinder (niet diesie)

Voor dies- kun je ook een ander woord uit deze groep, de der-groep nemen.

Kijk naar: 2e nv mannelijk en onzijdig en 3e nv meervoud. Ook hier gelden de regels van een extra s, es of n achter het zelfstandig naamwoord.

Oefenen?

Advertenties